Boeing B-17G, 42-39856, Wacky Woody

Boeing B-17G, 42-39856, Wacky Woody
Boeing B-17G, 42-39856, Wacky Woody

Plaats: Emmeloord

Locatie: Muntweg

Maker: Lockheed Vega

materiaal: diverse materialen

Jaar: 1942


Beschrijving:

In de ochtend van 8 april 1944 stijgt de Boeing B-17G-VE Flying Fortress met serienummer 42-39856 en radiocode AW-G op van RAF basis Snetterton Heath (Norfolk, Engeland), de thuisbasis van de 96BG/337BS, 3rd Bomb Division van de 8th Air Force voor een missie naar Rheine, net over de Duitse grens. Het toestel met staart code Square S wordt gevlogen door piloot 2nd Lt. Russell H. Gecks. Square S is een markering op het kielvlak van de staart. Dit vierkant geeft aan dat het toestel tot de 3rd bomb Division behoort, de letter W geeft de Bomb Group aan, in dit geval 96th BG. De bemanning bestaat naast piloot Gecks uit co-piloot 2nd Lt. Frank M. Deason, radiotelegrafist T/Sgt. Clifton E. Hanley, topkoepelschutter T/Sgt. Richard Emerson Denny, navigator 2nd Lt. Pete V. Lovero, bommenrichter S/Sgt. Leland F. Welch, buikkoepelschutter S/Sgt. Leon H. Radermacher, rechter zijluikschutter (stuurboordschutter) S/Sgt. Pete Edward Miskinis, linker zijluikschutter (bakboordschutter) S/Sgt. Howard F. Jones en staartschutter S/Sgt. Sam A. Polito. De bijnaam van de B-17 is 'Wacky Woody' wat zoiets als 'gekke specht' betekent.

Boven het doelwit vliegveld Rheine Hopsten, krijgt de vier motorige bommenwerper op ca. 6300m hoogte te maken met hevig luchtafweer (Flak). De linker binnenmotor valt uit, de propeller slaat op hol en vliegt eraf. Vervolgens valt de linker buitenmotor uit. Een B-17 kan op twee motoren geen hoogte houden. In de buurt van Salzbergen verzendt de bemanning een noodsignaal. Ze vliegen terug naar het IJsselmeer. Op 3000 m boven de Noordoostpolder geeft de piloot opdracht het toestel te verlaten. De Wacky Woody explodeert in de lucht en stort om 14.00 uur brandend neer op kavel NM44 in de Noordoostpolder. Ook op kavel NG69 komen delen van het wrak terecht.

De gesprongen bemanningsleden landen veilig in de de buurt van Urk. Lovero, Weich, Radermacher, Jones en Polito worden door Duitse militairen van de luchtwachtpost Urk opgepakt. Zij hebben tot het einde van de oorlog in krijgsgevangenschap gezeten (POW). Gecks, Deason, Denny, Hanley en Miskinis weten aan gevangenschap te ontkomen (EVD). De bemanningsleden hadden opdracht gekregen, indien zij in bezet gebied neerkwamen, te proberen naar Engeland terug te keren. Hiertoe ontstaan in bezet gebied de zogenaamde pilotenlijnen, die de geallieerde vliegers naar neutraal Zwitserland of Spanje helpen te komen. Eén van de pilotenlijnen loopt via Urk. De 21-jarige Pete Miskinis zit na de crash ondergedoken bij Pieter Brouwer die tijdens de oorlog één van de spilfiguren van de ondergrondse op Urk is. Samen met zijn vrouw Nellie zorgt hij o.a. voor opvang van geallieerde vliegers in de kelder van hun woonhuis en winkel. Miskinis hoeft niet aldoor in zijn schuilplaats te verblijven, als het veilig is neemt hij deel aan het gezinsleven. Op 18 april wordt hij door Lub Hoekman met de boot naar Zaandijk gebracht waar hij tot het eind van de oorlog ondergedoken heeft gezeten. Gecks, Deason, Denny en Hanley worden door leden van de verzetsgroep Vollenhove in veiligheid gebracht. Zij dragen hen over aan de Nederlandse verzetstrijder Peter Jan van den Hurk, van de Meppeler Knokploeg, die hen hielp om via Limburg en België naar het bevrijde deel van Frankrijk te komen.

Zie ook: Stichting OngelandFlevolandsgeheugen en Nop in oorlogstijd

Laatste Update vrijdag, 18 maart 2016