Europabrug

Europabrug

Plaats: Emmeloord

Locatie: Europalaan-Moerasandijviestraat

Architect:

materiaal: div. materialen

Jaar: 1969


Beschrijving:

Bij de inrichting van de Noordoostpolder hebben de zogenaamde loswallen een belangrijke rol gespeeld. De polder was bedoeld om de landbouwproductie en voedselvoorziening van Nederland te vergroten. Alle landbouwproducten, zoals de suikerbieten, werden in de begintijd per schip afgevoerd. De inrichting van de polder was daarop afgestemd. In de hele polder was goederenvervoer over water mogelijk. Aan de buitenrand van ieder dorp werd bij de nabijgelegen vaart een ‘industrieterrein’ met loswal aangelegd. Vanaf de losplaats in Espel voeren de schepen via de 8 km lange Espelervaart naar de Urkervaart. 

Al langere tijd lagen er plannen om de in 1965 geplaatste houten noodbrug over de Espelervaart te vervangen. De nieuwe brug, die de naam 'Europabrug' zou krijgen, ging de Europalaan verbinden met de Moerasandijviestraat. De vraag was alleen of het een vaste dan wel beweegbare brug moest worden. De meningen waren verdeeld. In september 1967 schreef de rentmeester der Domeinen in de Noordoostpolder, ir. Tiete Johannes Schuiringa (1920-1988), een brief aan het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder. Hierin stelde hij dat het economisch niet verantwoord was de Espelervaart als scheepskanaal te handhaven. Volgens hem zou het vervoer van bieten over de vaart in de toekomst sterk afnemen. Een vaste brug zou dat proces alleen maar versnellen. Daarnaast stelde de rentmeester dat bij handhaving van de Espelervaart als scheepvaartroute onevenredig grote bedragen van ƒ 30.000,- tot ƒ 40.000,- voor het onderhoud aan de vaart besteed moesten worden. Hij vond dat voor dat bedrag de 50.000 bieten die per schip via de Espelervaart vervoerd werden ook naar een andere losplaats gebracht konden worden. 

Op 25 oktober 1967 brachten burgemeester en wethouders van Noordoostpolder een voorstel ter tafel om over te gaan tot de bouw van een lage beweegbare brug waarvan de kosten op ƒ 600.000,- werden geraamd. Een vaste brug, die ƒ 350.000,- zou kosten, was volgens b en w niet uitvoerbaar omdat de Espelervaart dan niet meer voor bietenvervoer per schip gebruikt kon worden. Het Economisch Technisch Instituut voor Overijssel had op verzoek van b en w uitgerekend, dat het bietenvervoer via de Espelervaart de laatste 6 jaar vrij constant was gebleven en dat de schade door het sluiten van de vaart rond 2,5 miljoen gulden kon worden gesteld. De gemeenteraad ging af op het argument van rentmeester Schuringa dat het bietenvervoer over de vaart in de komende jaren sterk af zou nemen. Met 12 tegen 11 stemmen keurden zij een voorstel van raadslid J. de Jong goed om het voorstel van het college enkele maanden op te schorten. De raad wilde eerst een juridische uitspraak over de schadevergoeding die de suikerbieten verwerkende industrieën in Groningen eisten.

Uiteindelijk wonnen de voorstanders van een beweegbare brug het pleit. In 1968 werd de onderbouw voor de brug aanbesteed. Op 21 maart 1969 opende burgemeester F.M. van Panthaleon baron van Eck de 'Europabrug' of zoals hij in de volksmond al snel genoemd werd de 'Bietenbrug'. De Europabrug was een basculebrug. Bij dit brugtype gaat het brugdek open en dicht door langs een tandrad te roteren om de horizontale as haaks op het wegdek. In het verlengde van het wegdek was een staart (ballastarm) met contragewicht aangebracht die draaide in de basculekelder in het landhoofd. Een ballastkist, gevuld met beton en schroot, aan het staarteinde, vormde het contragewicht zodat er weinig energie nodig was om de brug te openen.

Zoals verwacht werden in de loop der jaren steeds minder bieten per schip vervoerd. In 1973 werden 17 laadplaatsen gesloten waaronder 11 binnen de Noordoostpolder. In 5 jaar tijd was het aantal laadplaatsen in Nederland afgenomen van 82 tot 19. Het beweegbare wegdek van de 'Bietenbrug' is later door een vast wegdek vervangen.

Bronnen: Friese Koerier en De Noordoostpolder.

Laatste Update vrijdag, 08 februari 2019