Waterstaatkerk
Plaats: Schokland
Locatie: Middelbuurt
Maker: Ingenieur D.J. Thomkins
materiaal: baksteen, hout, leien
Jaar: 1834
Beschrijving:
Middelbuurt was vroeger één van de drie dichtbevolkte woonterpen op Schokland. Op de terp stonden de houten huisjes, met rieten daken, dicht op elkaar. Ze stonden op één rij, met de voorgevel naar het oosten. In 1647 woedt er een grote brand op de terp. Veel woningen gaan in de vlammen op. In 1830 stonden 40 huizen op de terp, waar 44 gezinnen (meer dan 200 mensen) in woonden.
Op Middelbuurt staat het oudste monument van de gemeente Nooroostpolder. Het is een neoclassicistische kerk die in 1834 gebouwd is als opvolger van het vierkante houten kerkje uit 1717. Dit gebouw was bij de stormramp in 1825 vrijwel geheel vernield en moest gesloopt worden. Het ontwerp voor de nieuwe kerk is in zogenoemde “waterstaatstijl”, wat wil zeggen dat het onder verantwoordelijkheid van een ingenieur van Rijkswaterstaat tot stand is gekomen. De strikte eisen van sober- en doelmatigheid die Rijkswaterstaat aan elk ontwerp stelde, leidde tot een zekere eenvormigheid, het resultaat een eenvoudig stenen gebouw met houten kapconstructie. De kerk is een driezijdig gesloten zaalkerk met dakruiter en een aangebouwde, bredere pastorie.
Omdat de kerk als enig gebouw op Schokland leien als dakbedekking had, werd op het dak regenwater verzameld. Via de dakgoten en afvoerbuizen werd het water naar een regenwaterkelder geleid en per emmer verkocht aan de mensen die zich de luxe van water konden veroorloven. Tegen de kerk aan is een houten gebouwtje gebouwd. Dit is het pomphuis voor de armen. De arme bewoners konden hier hun drinkwater halen. Voor de eilandbewoners was zoet drinkwater van onschatbare waarde. Het water van de omringende Zuiderzee was immers zout. Dat het water niet altijd even zuiver was, mag duidelijk zijn. Maar in die tijd tilde men daar niet zo zwaar aan.

Willem Antonie van Deventer (1824 - 1893), Potloodtekening van Middelbuurt
De preekstoel, banken en stoelen zijn afkomstig uit het kerkje van 1717. In de kerk staat een replica van een zandstenen Romaans doopvont. Het oorspronkelijke doopvont (Duitsland, 12e – 13e eeuw) is in 1777 uit de Zuiderzee opgevist. Tot 1859 is het doopvont in de R.K.- kerk in het buurtschap Emmeloord in gebruik geweest. In 1860 (na de ontruiming ) verhuisde het naar Ommen. Toen de kerk op Middelbuurt weer in gebruik werd genomen heeft men aan Piet Brouwer uit Urk gevraagd een replica te maken. Het oude doopvont was uit zandsteen gehouwen. Omdat het werken met zandsteen tegenwoordig verboden is, werd de replica van kunstzandsteen gemaakt. Sinds juni 1996 staat dit doopvont in de kerk.
Na de ontruiming van het eiland deed de kerk enige tijd dienst als gereedschapsschuur en overnachtingsplaats voor seizoensarbeiders. Nadat Schokland een deel van de Noordoostpolder was geworden, werd het interieur van de kerk weer aangepast aan de oorspronkelijke rol van bedehuis. In de kerk worden regelmatig huwelijken ingezegend. De dakruiter is gerestaureerd met financiële steun van Bouwfonds Cultuurfonds, ter gelegenheid van de landelijke opening de Open Monumenten Dag op 7 september 2000.
De kerk vormt met de nieuwe, in “Zuiderzeestijl” opgetrokken gebouwen het museum Schokland.
Architect
D.J. Thomkins was ingenieur bij Rijkswaterstaat. Van 1811 – 1822 was hij werkzaam bij het arrondissement Zutphen/Noordelijk arrondissement. Van 16 juni 1822 tot juli 1822 was hij hoofd van het 8e district Groningen & Drenthe. In 1824 werd Thomkins benoemd als hoofdingenieur in Zuid-Holland en van 1 november 1829 tot 1 april 1834 was hij hoofd van district Overijssel.







