Houten zeewering

Houten zeewering

Plaats: Schokland

Locatie: Oud-Emmeloord en Middelbuurt

Maker: Waterstaat

materiaal: hout

Jaar: 17e eeuw


Beschrijving:

In de loop der eeuwen moest Schokland steeds meer land prijsgeven aan de zee. Na de ontginning van het veen was hier nog enige tijd akkerbouw mogelijk, maar na verloop van tijd moest die volledig plaatsmaken voor veeteelt. De bodemdaling en daarmee gepaard gaande vernatting zorgden er omstreeks de 15e eeuw voor dat sommige veengronden zelfs niet meer geschikt waren voor beweiding of hooien. Bij hoogwater liepen delen onder water. Om het eiland te beschermen tegen de zee werden al in de 16e eeuw dijken aangebracht en later paalschermen die het land vooral aan de oostzijde beschermde. De grenen en eiken palen, die 4 tot 6 m lang waren, werden vanuit Noorwegen geïmporteerd. Deze palen werden door de dienst van Waterstaat met een hijsblok ingeheid, waarbij de Schokkers vaak meewerkten. Als er te weinig mannen beschikbaar waren, werden ook vrouwen en meisjes ingeschakeld om het hijsblok omhoog te hijsen. De houten zeewering vroeg om veel onderhoud, bijna elk jaar moesten er palen vervangen worden. Daarom werd het Ensergeld ingevoerd. Vanaf 1634 werd een stuiver geheven van elk de provincie Overijssel in- en uitgaande schip. In 1651 werd de belasting verhoogd tot 2 stuivers per schip. Daarna volgde in 1675 een verhoging tot 3 stuivers, om tenslotte in 1698 nog eens verhoogd te worden tot 6 stuivers per schip. Van dit geld werd naast de zeewering ook de vuurtoren op de zuidpunt onderhouden. De Staten van Holland en West-Friesland hadden weinig gedaan aan de bescherming van Emmeloord. Alleen aan de oostkant was een paalscherm aangebracht. Aan de noord- en oostzijde is in de loop der tijd veel landafslag geweest.

In de 19e eeuw was Schokland zo 'n 4 km lang en op zijn breedste punt 500 m breed. De Schokkers woonden op de terpen Emmeloord, Middelbuurt en de Zuidert. De lager gelegen delen van het eiland waren zo drassig dat het vrijwel onbegaanbaar was. De zeewering aan de oostkant van Schokland bestond uit een rij palen, met aan de achterzijde een gording, die op afstanden van 2,5 m met schoren aan ingeheide palen in de wal bevestigd waren. Op de schoren lag op schuine klossen een 35 cm brede loopplank die de buurtschappen onderling verbond. Als de Schokkers elkaar op de loopplank tegen kwamen pakte ze elkaar stevig bij de middel vast en draaide om elkaar heen om daarna hun weg te vervolgen. Dit wordt de 'Schokkerdans' genoemd. In een brief van het Gemeentebestuur van Ens, geschreven in 1809, stond dat de loopkistendam vooral in de wintertijd glad, glibberig en haast niet zichtbaar was.... "dat daardoor dikwils gebeurd dat wij bij nagt aankomende met onze natte kleederen op onze knijen naar de buurten moeten kruijpen, hetwelk onze oude lieden dikwils ondoenlijk is". Daarom werd aan de Dienst voor de Waterstaat om toestemming gevraagd de kistdam met een mengsel van schelpen en teer te mogen bestrooien, waardoor deze beter begaanbaar en beter zichtbaar werd. Bron:schokkervereniging.nl

De westkant van het eiland was vanaf 1710 gedeeltelijk door een kistdam beschermd. Hiervoor werden de palen in dubbele rijen in de grond geslagen waardoor er een soort bekisting ontstond met een tussenruimte van 3 voet 10 duim die  opgevuld werd met bladriet en zeewier en gedekt met een bestorting van stenen. De kistdam was aan de landzijde verankerd. Eind 18e eeuw sloeg de paalworm op Schokland toe. Dit diertje leeft in een gang, die hij met zijn schelp in hout kan boren. De houten zeewering werd door al die gangen een poreuze gatenkaas. Dit verzwakte de bescherming tegen het zeewater dramatisch. In 1804 besloot Rijkswaterstaat langs de westzijde van het eiland een stenen dijk aan te leggen. 

In 1942 viel de Noordoostpolder droog. Schokland werd een eiland op het droge. De kustverdediging van Schokland omvatte duizenden palen en twintigduizend ton steen dat elders goed gebruikt kon worden. Bouwmaterialen waren tijdens de Tweede Wereldoorlog schaars dus werden de materialen tijdens de ontginning van de Noordoostpolder hergebruikt. De palen werden getrokken en de niet door paalworm aangetaste delen verzaagd tot balken en bouwplanken voor onder meer de arbeiderskampen en de aller eerste woningen in Emmeloord. Er werd op Schokland een speciale houtzagerij opgericht die later werd overgeplaatst naar Dorp A het latere Emmeloord. Het basalt en puin van de stenen dijk verdween in de meerdijken of werd gebruikt als wegfundering. 

In 2004 is de oude haven van Emmeloord in de oorspronkelijke staat teruggebracht. Het droge havenbekken kreeg gereconstrueerde steigers, afmeerpalen, havenlichten, ijsbrekers en een waterpoel. Daarnaast werd een stuk van het palenscherm met daarop de loopplank herbouwd. Datzelfde jaar werd ook de houten zeewering rond de terp van Middelbuurt gerestaureerd. 

Bronnen: 'Schokland verlaten' door Bruno Klappe en Wim Veer en 'Schoklands kustverdediging ontmanteld', Flevopost november 2007

Kijk hier voor meer informatie.

 

Laatste Update woensdag, 08 augustus 2018