Boeing B-17G Crazy Horse
Plaats: Zeewolde
Locatie: bosgebied nabij RCN
Maker: firma Boeing
materiaal: diverse materialen
Jaar: ca. 1942
Beschrijving:
Van 20 tot 26 februari 1944 hadden de Geallieerde luchtstrijdkrachten operatie Argument gepland. In deze week die de geschiedenis inging als ‘Big Week’ moest de Duitse vliegtuigindustrie geheel lam worden gelegd. Helaas voor de Amerikaanse luchtmacht gingen er op de tweede dag dertien B-17’s verloren. Eén ervan was de Boeing B-17G 42-30280 die oorspronkelijk gebouwd werd als B-17F-95-BO.
Op maandag 21 februari steeg voor een bombardementsvlucht op Diepholz de Boeing B-17 Flying Fortress van de 482ste Bomber Group om 08.00 uur op van RAF station Alconbury in England. Aan boord was een 13 koppige bemanning, vluchtcommandant Ralph W. Holcombe, co-piloot, John W. Baber, navigator annex radio operator Edward H. Horner, navigator annex radio operator Charles A. Haupt, radio operator Steven F. Martini, bommenrichter William H. Barrett, ingenieur Thomas D. Kennedy, de luchtschutters Henry Raemer, Bryce W. Long, Harold M. Booth, William M. Blake en van de 385ste Bomber Group piloot Gerald D. Binks en navigator annex radio operator Joel E. Punches.
Op de terugweg kreeg het toestel motorproblemen en moest de formatie verlaten. Boven Nunspeet werd de bommenwerper beschoten en verloor daarna snel hoogte. Eén voor één sprong de bemanning door het bommenluik uit het toestel en landden in de buurt van Harderwijk. Allen werden direct door de Duitsers gevangen genomen, behalve Booth, Haupt, Punches en Binks. Zij wisten met behulp van Nederlandse verzetsmensen te ontkomen.
Piloot Holcombe bleef op zijn post. Het was een koude winterdag, grijze wolken hingen laag boven Harderwijk. De bommenwerper stortte om 15.45 uur neer op de Spiekerzandbank, een ondiepte in het IJsselmeer tegenover de buurtschap Horst. Toen de piloot boven water vloog is hij uit het toestel gesprongen. De watertemperatuur was 3o C op dat moment, te koud om te overleven. Het lichaam van Ralph W. Holcombe spoelde op 3 mei aan in de buurt van Bunschoten, zo’n 18 km ten zuidwesten van de crashplaats .
Bij de drooglegging van Zuidelijk-Flevoland in 1968-1969 kwam het wrak van het verongelukte vliegtuig boven water. Opvallend was dat de propeller nog steeds loodrecht in de drassige bodem stond. Daar kon uit worden afgeleid op welke wijze het toestel moet zijn neergekomen. Tussen 17 augustus en 1 september 1970 is het toestel door de Bergingsdienst van de Koninklijke luchtmacht geborgen. De crashplek ligt in het bosgebied, niet ver van het RCN recreatieterrein.
Het toestel had de bijnaam “Crazy Horse”. In het voorjaar van 1943 was Captain Homer Wilson Claymore gezagvoerder van de Boeing B-17 Flying Fortress. Het verhaal gaat dat hij zijn oudere broer Luther schreef met de vraag hoe hij zijn vliegtuig zou noemen. Het antwoord was simpel: “noem het vliegtuig naar de grote Indiaanse Sioux krijger Crazy Horse”. Claymore schilderde de karikatuur van de Sioux krijger zelf op de neus van het vliegtuig. In oktober van dat jaar moest hij het vliegtuig overdragen aan Ralph W. Holcombe en zijn crew.


