Poldertoren

Poldertoren
Poldertoren Poldertoren Poldertoren

Plaats: Emmeloord

Locatie: Deel

Kunstenaar: Koninklijke Klokkengieterij B. Eijsbouts

Materiaal: koper en bladgoud

Jaar: 1959

Beschrijving:

Boven op de Poldertoren staat een windwijzer, ook wel windvaan genoemd. Als materiaal voor een windwijzer wordt bij voorkeur roodkoper gebruikt. De voordelen zijn dat het niet door roest wordt aangetast en gemakkelijk te bewerken is. De soepelheid van het materiaal bepaalt in sterke mate welke vorm de windwijzer kan krijgen. Voor op de Poldertoren werd gekozen voor een windwijzer in de vorm van een koggeschip omdat dit scheepstype in de middeleeuwen met handelswaar op de Zuiderzee gevaren heeft. Een kogge was een zeegaand vrachtschip met hoge voor- en achterkant, die bekroond waren met kantelen. Een ander kenmerk is dat de scheepsromp overnaads gebouwd is. De tuigage bestond uit een zware midscheepse mast die een vierkant razeil droeg en daarboven een kraaiennest. Het eerste scheepswrak dat in de bodem van de Noordoostpolder opgegraven is, was van een kogge. Het wrak werd in februari 1944 ten zuiden van Kuinre en ten oosten van Blokzijl gevonden op kavel NM107, vandaar de naam Kogge NM107. 

Tijdens de bouw ontstond het idee om de Poldertoren te bekronen met een windwijzer, een instrument om de windrichting te bepalen. Het gestileerde koggeschip is bevestigd aan een stang, die door middel van een verticale as op de wind draait. Een windwijzer is zo gemaakt dat het grootste vlak, in dit geval het zeil, altijd van de wind weg gericht is. Zodoende 'vaart' het schip voor de wind. Wijst de voorsteven van de kogge naar het oosten, dan is er sprake van een westenwind. Het opengewerkte kraaiennest, boven in de mast, is driedimensionaal uitgevoerd. De romp van de kogge is min of meer driedimensionaal. Hiervoor zijn de koperplaten in reliëf tot twee helften geklopt (gedreven) en door middel van klinken of solderen samengevoegd. Het zeil is uit een enkele koperplaat geklopt. De 5,00 m hoge en 2,50 m brede koperen windwijzer is overtrokken met bladgoud. De kogge glimt hierdoor en is nu beschermd tegen het ontstaan van een laagje patina door weersinvloeden. De 250 kg zware windwijzer is gemaakt door de Koninklijke Klokkengieterij B. Eijsbouts uit Asten en op 26 januari 1959 op de toren geplaatst.

Sommige menen in het koggeschip op de Poldertoren een hulk te herkennen. Bron: Rondom Schokland, herfst 2017, blz. 40. Een kogge werd gebouwd op een rechte kiel, een hulk daarentegen op een ronde kiel. De hulk is eveneens een vrachtschip uit de middeleeuwen en had net als de kogge aanvankelijk één mast, maar later kregen de grotere hulken drie masten. De Friese koerier van donderdag 29 januari 1959 meldt onder de kop "Koggeschip op poldertoren" het volgende: "Maandagmiddag is op de poldertoren, welke te Emmeloord gebouwd wordt op De Deel, de windwijzer aangebracht. Dit is ditmaal geen haan, doch een fraai verguld koggeschip. Van officiële zijde bestond voor dit karwei belangstelling; onder de aanwezigen bevond zich de heer A.D. van Eck hoofd van de bouwkundige afdeling van de NOP". Op 11 februari 1959 meldt Trouw: "Met de bouw van de 65 meter hoge watertoren in Emmeloord heeft men het hoogste punt bereikt. Op het bouwwerk is een windwijzer geplaatst, die een koggeschip voorstelt, dat vroeger veelvuldig op de Zuiderzee werd gebruikt. […]. De ontwerper van de windvaan heeft, waarschijnlijk uit esthetisch oogpunt, de kogge een wat rondere vorm gegeven. De ontwerper heeft niet de zichtbare werkelijkheid nagebootst, maar gewerkt naar de verbeelding.

Op 26 juni 2020 is de windvaan met een hoogwerker en mobiele kraan van de Poldertoren gehaald. Bij de Koninklijke Eijsbouts in Asten werd het koggeschip gerestaureerd en van nieuw bladgoud voorzien. Op 8 september 2020 werd de windwijzer weer op de toren teruggplaatst.

Replica

In Kampen staat op het SNS Historisch Centrum een kleinere replica van de windwijzer op de Poldertoren. Het SNS Historisch Centrum is gehuisvest in het monumentale gebouw dat voorheen in gebruik was bij de Nutsspaarbank. Tussen 1969-1971 werd het bankgebouw uitgebreid met een nieuwe vleugel. Bij de opening op 20 oktober 1971 kreeg de bank de windvaan van de kogge cadeau van de aannemer. De windwijzer was gemaakt door leerlingen van de toenmalige LTS aan de Dr. Damstraat in Kampen. Voor een goede werking is een windvaan altijd asymmetrisch en ligt het draaipunt op ongeveer 2/3 van de voorstelling, waarbij het kortste einde dan zo zwaar mogelijk wordt uitgevoerd. Daarbij moet het zwaartepunt zo dicht mogelijk bij het draaipunt liggen. Het gewicht van de windvaan was echter gelijkelijk verdeeld, waardoor de kogge bij elk zuchtje wind rond begon te tollen. De aan de windwijzer gekoppelde Gispen klok, waarop de windrichting met lampjes was af te lezen, ging op zijn beurt als een dolle te keer. De kogge werd van het dak gehaald en in een schuurtje van het Frans Walkate Archief opgeborgen en raakte in de vergetelheid. Herman Harder, directeur van het archief, vond de windwijzer weer en liet hem opknappen. Op 25 februari 2012 werd de kogge terug op het dak van het bankgebouw op de hoek van de Geerstraat en de Burgwal geplaatst. Vijf jaar later was weer een restauratie nodig.

Na tot twee keer toe gerestaureerd te zijn door meestersmid Sven de Lang (1980) uit Kampen prijkt de windwijzer sinds 13 juni 2017 weer op de schoorsteen van het gebouw van het SNS Historisch Centrum aan de Burgwal 43. De kogge past bij de historie van de Hanzestad Kampen die in de middeleeuwen dit handelsschip als beeldmerk in zijn stadszegel gebruikte. Het was dan ook geen toeval dat de windvaan van de kogge twee dagen voor de opening van de Internationale Hanzedagen in Kampen op het dak teruggeplaatst werd. Alle onderdelen van de windwijzer zijn verguld, op het zeil na, dat is voorzien van een laagje zilver. Bronnen: de Stentor en SNS Historisch Centrum

Laatste Update zondag, 13 september 2020