U bent hier:: Verklaring termen
Verklaring termen
A-Boeg : Boet-Dynamisch : Dynamisch -Gesi : Gesl-Kielb : Kielp-Mi : Mo-Poli : Poly-Spa : Spe-Tra : Tre-Zijb : Zijs : Volgende »
- aanzicht
- Het aanzicht is de kant van het object waar je tegen aan kijkt. Ruimtelijke objecten hebben verschillende aanzichten: vooraanzicht, zijaanzicht, achteraanzicht, bovenaanzicht en onderaanzicht. De meeste ruimtelijke beelden hebben een vooraanzicht. Dat trekt de meeste aandacht en moet frontaal (van voren) bekeken worden.
- abstract
- Abstracte kunst is kunst zonder herkenbare voorstelling. De kunstenaar maakt geen gebruik van beelden die we al kennen, hij gebruikt geen beelden die verwijzen naar de werkelijkheid of een fantasiewereld. De kunstenaar neemt bijvoorbeeld een ei of een vogel als uitgangspunt en werkt die uit tot volledig abstracte vormen. Abstracte kunst brengt de fantasie en verbeelding van de beschouwer op gang. Een ander woord voor abstract is non-figuratief. De Roemeense beeldhouwer Brancusi is één van de grondleggers van de abstracte beeldhouwkunst.
- abstraheren
- Abstraheren: een herkenbaar beeld zo vervormen dat alleen het belangrijkste getoond wordt, zonder toevalligheden. Soms is het bijna of helemaal onherkenbaar geworden.
- Aelmere
- In bronnen uit de vroege Middeleeuwen werd het Flevo Lacus meestal het Aelmere (groot meer) genoemd. Met de stormvloed van 1170 brak de veenrug tussen Enkhuizen en Stavoren definitief door en ontstond een doorgang met de Waddenzee, waardoor het zoete Aelmere uitgroeide tot de met zout water gevulde Zuiderzee. In de 16de eeuw had de Zuiderzee haar grootste omvang bereikt.
- afgietsel
- Een afgietsel is een kopie van een vorm die door gieten van bijvoorbeeld brons wordt verkregen.
- afwerking
- De laatste bewerking van het oppervlak van een beeld heet afwerking. Het doel ervan is het kunstwerk te verfraaien, te beschermen of te veredelen. De afwerking moet passen bij het materiaal. Hout wordt bijvoorbeeld beschilderd of gelakt. Metaal wordt met lak beschermd tegen roesten. Door middel van verchromen, verzilveren, vergulden of galvaniseren kan het metaal veredeld worden. Enkele afwerkingstechnieken zijn: schuren, slijpen, polijsten, patineren en glazuren.
- aluminium
- Aluminium is een zilverwit, vrij zacht en zeer licht, metaal dat snel oxideert. Het wordt gemaakt uit de delfstof bauxiet. De naam is afgeleid van het Latijnse aluin.
- Amsterdamse voet
- De Amsterdamse voet is 28,31 cm. De voet is een lengte-eenheid die in Angelsaksische landen nog veel wordt gebruikt. Van oudsher verwees de lengtemaat voet naar de (gemiddelde) lengte van een menselijke voet. De maat verschilde van streek tot streek en raakte in de loop van de 19e eeuw in onbruik door de invoering van het metrieke stelsel.
- archaïsche vorm
- Het woord archaïsch is van Griekse oorsprong en betekent vrij vertaald ‘uit het begin'. Een archaïsche vorm verwijst naar de vormentaal van de primitieven.
- autodidact
- Een autodidact is iemand die door zelfstudie zichzelf het vak heeft geleerd.
- autonome kunst
- Autonome kunst is werk dat niet in opdracht is gemaakt. De kunstenaar ontwikkelde in zijn atelier een beeld en zocht vervolgens een plek waar het werk goed tot zijn recht kon komen. Autonome kunst is de tegenhanger van kunst in opdracht.
- autonoom
- Bij autonome of vrije kunst bepaalt de kunstenaar zelf hoe hij een kunstwerk vormgeeft. Hij hoeft daarbij geen rekening te houden met speciale wensen van een opdrachtgever, bijvoorbeeld over grootte of het onderwerp.
- baggerbeugel
- Een baggerbeugel is een ijzeren ring met een net aan een lange houten steel.
- bas-reliëf
- Bas-reliëf of laag-reliëf is een reliëf waarbij de voorstelling nauwelijks uit de ondergrond steekt. Bas-reliëf is het tegengestelde van haut-reliëf (hoog-reliëf).
- basalt
- Basalt is een vulkanisch uitvloeiingsgesteente en is het materiaal waarmee de Afsluitdijk en de dijken rond de Flevopolders zijn aangelegd.
- beeld
- Een beeld is het product van een beeldhouwer. Het is een driedimensionale voorstelling die je van verschillende kanten kunt bekijken. Het wordt ook wel plastiek of sculptuur genoemd.
- beeldhouwen
- Beeldhouwen is een ambachtelijke manier van vormgeven, waarbij grote en kleine delen van het materiaal worden weggehakt, -gestoken, -gesneden of -gegutst. Bij beeldhouwen ontstaat een ruimtelijk beeld. Eerst worden de grote stukken afgezaagd of afgehakt. Daarna krijgt het beeld zijn eigenlijke vorm door steeds fijnere bewerkingen. Daarvan zie je meestal nog sporen (factuur) in het oppervlak (de huid) van het beeld.
- beeldhouwer
- Een beeldhouwer is een kunstenaar die met hamer en beitel uit steen, hout enz. een driedimensionale voorstelling hakt. Het woord beeldhouwer moet je in de kunst niet altijd letterlijk nemen. Behalve door beeldhouwen kan een driedimensionaal beeld ontstaan door boetseren, construeren of formeren.
- beeldhouwwerk
- Een beeldhouwwerk is een algemene term voor een driedimensionale voorstelling. De voorstelling kan een vrijstaandbeeld zijn of een reliëf.
- betekenis
- Een kunstenaar wil met het beeld dat hij maakt je iets vertellen. Het beeld en de vormen waaruit het is opgebouwd hebben een betekenis. Door bepaalde vormen en vormaspecten toe te passen benadrukt of verandert hij de betekenis. Door goed te kijken (beschouwen) kun je achter de betekenis komen.
- beton
- Beton bestaat uit water, cement, zand en grind die in een betonmolen gemengd wordt. Aan dit vloeibare beton worden hulpmiddelen toegevoegd die het mogelijk maken ongewone plastische vormen te gieten. Door de relatief lage prijs van het materiaal is het in de wederopbouwperiode veel in de beeldhouwkunst gebruikt. In de jaren vijftig van de twintigste eeuw krijgt ook het bouwen in beton langzaam de overhand.
- betonskelet
- Bij een betonskelet is de constructie (het skelet) gemaakt van beton. Bij skeletbouw worden eerst de dragende en steunende onderdelen geconstrueerd. De muren e.d. hoeven niets te dragen en kunnen van licht materiaal zijn, dat later wordt aangebracht.
- beurtschepen
- In de Nederlanden vond het transport van mensen en goederen eeuwenlang over water plaats. De Zuiderzee speelde bij dit transport een belangrijke rol. De beurtschepen onderhielden verbindingen tussen de oostwal en westwal van de Zuiderzee. Bij beurtvaart voer men op gezette tijden tussen bestemmingen op en neer. Beurtvaart kan dus vergeleken worden met een lijndienst. De beurtvaart was, in tegenstelling tot de wilde vaart, gebonden aan allerlei regels.
- bodemprofiel
- Een bodemprofiel is het beeld van de verticale opeenvolging van alle bodemlagen in een boorpunt of een waarnemingspunt. Kenmerkend voor de Flevolandse bodem is de schelpenlaag die de overgang van het zoete Aelmere naar de zoute Zuiderzee aangeeft. Deze schelpenlaag is rond 1600 ontstaan. Schelpdieren die alleen in zoet water konden overleven, stierven massaal door de verzilting van het water. Schepen die worden bedekt door deze schelpenlaag zijn dus voor 1600 vergaan. Schepen die in of bovenop de schelpenlaag worden aangetroffen zijn na 1600 vergaan.
- boeg
- De boeg is de voorsteven van een schip.
Top
Vorige pagina: Recente pagina's ||
Laaste Update maandag, 09 april 2012