Kunst in het voedselbos

Kunst in het voedselbos
Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos Kunst in het voedselbos

Plaats: Emmeloord

Locatie: Sportlaan

Kunstenaar: Jeroen Boersma / Willem Hoogeveen

Materiaal: boomstammen / hout en staal

Jaar: 2019 en 2020 / 2021


Beschrijving:

Het Voedselbos Emmeloord is een project van Stichting Pioniers van de Toekomst die in samenwerking met IVN Noordoostpolder, Landschapsbeheer Flevoland, Aeres VMBO Emmeloord en bijenvereniging Noordoostpolder-Urk een deel van het Emmelerbos, dat vanwege de essentakkensterfte kaal was, heeft omgetoverd tot een voedselbos ter grootte van 6 hectare. Het omvormen van het bos is in oorsprong een initiatief van een aantal studenten van Aeres die in 2016 een plan hadden gemaakt om de diversiteit in het bos te vergroten. De gemeente Noordoostpolder en subsidie vanuit Leader maakten het Voedselbos mogelijk, tezamen met sponsoring, crowdfunding en de inzet van vele vrijwilligers. De eerste aanplant begon op 30 maart 2018. Sindsdien zijn er in totaal 260 bomen gekapt, waaronder 140 zieke essen, 100 oude en/of zieke veldesdoorns en 20 andere bomen zoals beuk, eik en els. Daar staat tegenover dat er 1.700 nieuwe bomen en struiken zijn geplant. In totaal 45 soorten. 

Enkele gekapte bomen uit het bos zijn door boomzaagkunstenaar Jeroen Boersma omgetoverd tot kunstobjecten. Op 4 november 2019 begon Boersma aan de eerste van twee banken die hij met motorzagen maakte uit dikke boomstammen. Boersma is opgegroed in Rolde als zoon van een ambachtelijk meubelmaker. In 2015 zag hij een demonstratie woodcarven. Sindsdien is hij zich gaan verdiepen in motorzaagkunst, een relatief onbekende kunstvorm waarbij geen hamer en beitel, maar verschillende motorzagen / kettingzagen gebruikt worden om bijzonder houten beelden en sculpturen te maken, met vaak verbluffend mooie details. Motorzaagkunst is in de jaren 1980 in Amerika ontstaan als tijdverdrijf voor houthakkers en overgewaaid naar Europa. Al snel werd het carven van sculpturen de grote passie van Jeroen Boersma. Elke houtsoort heeft haar eigen unieke eigenschappen en mogelijkheden. Zo bieden vergroeiingen en vertakkingen vaak mogelijkheden om tot een bijzonder beeld te komen. In het dagelijks leven werkt Boersma als meubelmaker bij INHOUT, het familiebedrijf van zijn ouders in Rolde. In de kunstbanken heeft hij verschillende technieken uit de meubelmakerij toegepast. De eerste bank, met een grote slak, staat aan het wandelpad langs de Stinzentuin, tegenover de bijenstal van imker Arend Netjes. De tweede bank, die in februari 2020 gemaakt is, is te vinden achter de Belgische barak bij de ingang van het bos waar ook het informatiebord staat. In de rugleuning van deze bank beeldhouwde Boersma met zijn motorzagen bladeren en eikels.

Op 13 mei 2020 werd door vrijwilligers, als symbolische afsluiting van een periode waarin het eerste deel van het Voedselbos werd ingericht, een door Jeroen Boersma gecarvde uil op een staande boomstam in de hoogstamboomgaard geplaatst. Tijdens het plaatsen vroegen de vrijwilligers zich af of de uil nou uitkijkt op het oosten of op het westen. Een uil is een nachtdier. De ogen van een uil zijn groot en donker en zitten aan de voorkant van zijn kop. Hierdoor kan hij heel goed diepte zien en kan hij goed inschatten hoe ver zijn prooi van hem vandaan is. Een uil kan zijn ogen niet draaien zoals mensen dat kunnen. Om opzij te kunnen kijken moet de uil zijn hele kop dus draaien. Om te kijken of er bezoekers vanuit de richting van de Belgische barak komen heeft de houten uil zijn kop bijna 180 graden gedraaid. 

In 2021 werd het Voedselbos benaderd door de broer van de in 2020 overleden kunstenaar Willem Hoogeveen met de vraag of ze een plaatsje hadden voor een kunstwerk. In het atelier van de kunstenaar stonden allerlei grote kunstwerken opgeslagen waarvoor de weduwe van Hoogeveen een geschikte plek zocht. Enkele vrijwilligers brachten een bezoek aan het atelier en kozen 9 schoppen uit, het werktuig dat door de pioniers gebruikt is bij de ontginning van de Noordoostpolder, maar ook het gereedschap is dat veel gebruikt is bij de aanleg en het onderhoud van het Voedselbos.

De schoppen zijn door Willem Hoogeveen gebruikt voor een kunstwerk voor het Pieperfestival dat van 5 tot 9 september 2012 gehouden werd in Emmeloord. De 17e editie van het jaarlijkse festival stond in het teken van 70 jaar droog en 50 jaar gemeente. Op verzoek van het organisatiecomité maakte Hoogeveen twee tijdelijke kunstwerken die van 3 t/m 17 september in de stadsgracht van Emmeloord stonden. Het eerste kunstwerk was 'De Mens en zijn polder' dat sinds december 2012 voor Museum Nagele staat. Het tweede kunstwerk bestond uit negen dobberende schoppen en was een ode aan de vergeten polderpioniers. Na het droogvallen van de Noordoostpolder in 1942 stonden in de landelijke dagbladen advertenties die mensen opriepen in de polder te komen om deze te ontginnen. Veel mensen trokken naar de polder en werkten zich in het zweet in de veronderstelling dat ze een boerderij toegewezen zouden krijgen. Velen werden echter teleurgesteld en kregen niet de felbegeerde boerderij die ze gehoopt hadden. In een toelichting bij het kunstwerk vertelde Willem Hoogeveen destijds: "Jarenlang zijn er bijeenkomsten georganiseerd voor pioniers die in het begin de polder hebben ontgonnen. Maar de deelnemers waren vooral die mensen die wel een boerderij kregen. Voor de pechvogels heb ik dit gemaakt. Zij zorgden bijvoorbeeld voor de afwatering naar de gemalen middels kanalen en sloten. Het werk verbeeldt de schoppen waarmee deze mensen werkten. Ik stelde mij voor dat ze boos waren dat ze geen boerderij kregen, dat ze hun schop in de sloot gooiden die ze zelf gegraven hadden. Het water snapte het drama en liet de schoppen als eerbetoon aan deze helden dobberen in het water. Deze dobberende schoppen representeren de boosheid van die mensen en zijn een ode aan de vergeten helden. Meestal zijn helden mensen die je je kunt herinneren. Dit is een eerbetoon aan de mensen die we zijn vergeten". 

In de zomer van 2021 werden de 9 schoppen die Willem Hoogeveen in de stadsgracht in Emmeloord had 'laten drijven', door vrijwilligers van het Voedselbos in de polderklei achter de Belgische barak in de omheinde hoogstamboomgaard geplaatst. Zo kreeg het kunstwerk 'Ode aan de vergeten helden' een tweede leven. Willem Hoogeveen maakte graag werk voor de openbare ruimte omdat mensen daar zonder drempels een kunstwerk kunnen bekijken. Het mooiste aan de Noordoostpolder vond hij dat het laat zien waartoe mensen in staat zijn en dat verbeeldt het kunstwerk met de 9 schoppen. Met de schop zijn alle greppels met mankracht gegraven, met de schop is ook een kaal deel van het Emmelerbos omgetoverd tot een mooi voedselbos. 

In het programma 'Van zwart-wit naar kleur in de Noordoostpolder' van Omroep Flevoland vertelt Willem Hoogeveen over zijn werk en ideeën. Op 2.22 min. zijn de kunstwerken 'Een mens en zijn polder' en 'Ode aan de vergeten helden' te zien. Bekijk hier het programma. 

Van één van de schoppen is de steel door vandalen in tweeën gebroken, vandaar dat het blad nog maar net boven de polderklei uitsteekt. 

Met dank aan Truus Vlaming en Jannie Verhage, vrijwilliggers Voedselbos.

Kunstenaar

Wilhelmus Johannes Arnoldlus Maria (Willem) Hoogeveen is op 15 augustus 1946 in Stompwijk geboren. In zijn jeugd volgde hij een opleiding tot metaalbewerker en heeft dit beroep enkele jaren uitgeoefend. Toen hij werkeloos werd ging hij werken bij Loesje, en schreef teksten voor de posters. Daar leerde hij creatief denken. Hij ging schilderen en maakte objecten. Zo is hij in de kunst verzeild geraakt en vestigde zich als beeldend kunstenaar in Emmeloord.

Schilderen en drie dimensionale beelden maken gaf Willem Hoogeveen de vrijheid en ruimte die hij zocht. Hij maakte voor zijn kunst vaak gebruik van herkenbare vormen zoals mensen, handen, dieren, boten of gereedschap. Hierbij hield hij wel het gevoel voor de realiteit in het oog, maar gaf er een eigen draai aan zodat het allemaal net even anders is. Willems werk is kleurig, helder, luchtig, optimistisch met de realiteit van het leven als basis. De kunstwerken van Hoogeveen tonen zijn maatschappelijke betrokkenheid. In zijn duidelijk herkenbare stijl reageerde hij op de maatschappij en schopte er graag een beetje tegenaan. Daarnaast heeft de weidse vlakten van de Noordoostpolder, opgebouwd vanuit een ritme waarop je de klok gelijk kunt zetten, hem altijd gefascineerd, met genoegen doorbrak hij deze saaiheid. Kunstwerken van Willem Hoogeveen zijn o.a. te zien in Rutten (Dorpsgevoel, 2004), Emmeloord (Soep, 2009), Kraggenburg (Monumenten Kraggenburg 60 jaar, 2011), Nagele (Mens en zijn polder, 2012) en langs het Ketelzwerfpad en Nieuw Verleden. Langs het Ketelzwerfpad, nabij Ketelmeerweg 5, heeft hij 'Trabant' in klei (2007), 'Museum van Greetje' (2007), 'Surfvogel' (2013) en samen met Cor Sonke 'Vikingschip' (2007) gerealiseerd. Langs Nieuw Verleden, de kunstroute langs het Pionierspad, staat het kunstwerk 'Drie bomen en een stekje' (2011). Eind 2016 exposeerde Hoogeveen aan de Steenwijkerweg het kunstwerk 'de mussen'. Volgens hem kan 'getwitter' beter overgelaten worden aan vogels, want tussen mensen loopt het altijd maar uit de hand. 'De mussen' staan tegenwoordig ook aan de Ketelmeerweg. Het Ketelzwerfpad is sinds december 2020 ingekort waardoor de route niet meer langs de kunstwerken van Hoogeveen loopt. De nieuwe route, waarlangs het kunstwerk 'Bankje' staat, heet Sluitgatpad.

Hoogeveen heeft veel 'tijdelijke' kunstprojekten bij bijzondere evenementen in de Noordoostpolder gemaakt. In deze projecten stond vaak 'de mens' centraal. Zo voerde hij in 2012 twee tijdelijke kunstprojecten uit. Na afloop van project is het kunstwerk 'De mens en zijn polder' semi permanent voor museum Nagele opgesteld. Het tweede kunstwerk 'Ode aan de vergeten helden' kreeg in 2021 een plek in het Voedselbos in Emmeloord. Van 30 juli tot begin november 2014 stond het tijdelijk kunstwerk 'Mens' bij de rotonde Steenwijkerweg-Vollenhoverweg bij Marknesse. Het kunstwerk is ook op het perceel aan de Ketelmeerweg geplaatst. In 2015 maakte Hoogeveen samen met zijn broer Arnold in een geel tulpenveld bij Rutten een schaliegas kunstwerk. Op het kunstwerk was een persoon te zien die bij een boortoren vandaan naar een zon toe vlucht. Hiermee verbeeldde Hoogeveen de wens van de inwoners van Noordoostpolder; geen schaliegas, wél energie van zon en wind. In 2015 werd bij Hoogeveen een tumor in zijn ruggenmerg weggehaald waardoor hij een incomplete dwarsleasie opliep. Sindsdien moest hij de uitvoering van zijn kunstwerken aan anderen overlaten.

Van 30 november 2017 t/m 25 februari 2018 werd in Museum Nagele de expositie ‘Een fascinerende nieuwe wereld' gehouden. Willem Hoogeveen ontwierp als onderdeel van de expositie drie taferelen, 'feest, vissen en toekomst', die tijdelijk aan de drie toegangswegen naar Nagele geplaatst werden. In 2017 werd in de Noordoostpolder '75 jaar droog' gevierd en de vissen waren de eerste vluchtelingen uit de polder, zij moesten vluchten uit de polder omdat het water weg was en kwamen 75 jaar later terug om te kijken wat er van geworden is. In april 2020 stond in één van de tulpenvelden van de Noordoostpolder de boodschap HOU VOL. De gemeente Noordoostpolder wilde tijdens de coronacrisis haar inwoners steunen en vroeg Hoogeveen een kunstwerk te ontwerpen. De tekst kreeg hij aangeleverd van de gemeente en het teken van het coronavirus verzon hij erbij. Het laatste kunstwerk dat hij gerealiseerd heeft was voor de 16e editie van de kunstroute in Natuurpark Lelystad, met het thema ‘Overbruggen’. Daarvoor maakte hij twee vogels, één op een ladder en de andere aan een polsstok. Die komen naar elkaar toe. Hoogeveen tekende de vogels en zijn zwager Wim Keuper uit Rutten zorgde voor de uitvoering in hout. 

Willem Hoogeveen overleed 7 september 2020 in zijn woonplaats Emmeloord. Hij is 73 jaar geworden.