Herinneringsplaquette 1940 - 1945

Herinneringsplaquette 1940 - 1945
Herinneringsplaquette 1940 - 1945 Herinneringsplaquette 1940 - 1945

Plaats: Rutten

Locatie: Gemaalweg 25

Maker:

materiaal: brons

Jaar: 2000


Beschrijving:

In gemaal Buma hangt een bronzen plaquette die werd opgericht ter nagedachtenis aan acht medeburgers die in 1940 bij een bomontploffing zijn omgekomen.

Op 10 juli 1940 startte Duitsland de Battle of Britain. Als reactie daarop voerde de Royal Air Force (RAF) een aantal bombardementen uit. In Friesland waren de havens en vliegveld Leeuwarden de doelen. In de havens werden vooral de gevorderde schepen klaar gemaakt, motorschepen maar ook aken waar de Duitsers vliegtuigmotoren op monteerden, terwijl op het vliegveld de bommenwerpers stonden die aanvalsvluchten naar Engeland uitvoerden. De eerste bom viel op 13 juli in Harlingen. Tussen 13 en 21 juli werd de stad viermaal door toestellen van Coastal Command bezocht. Bron: Leeuwarder Courant 1 mei 1965.

Op 27 juli 1940 wierp een Bristol Blenheim Mk IV, een 2-motorige Engelse bommenwerper, vier 250 lb bommen af boven de werkhaven bij Lemmer. De piloot vermeldde in zijn rapport dat hij de haven van Stavoren had gebombardeerd. Deze melding was gedaan met een gebrek aan geografische kennis die zo in de eerste maanden van de oorlog wel vaker voorkwam. Drie van de afgeworpen bommen explodeerden in het water. De vierde had als blindganger de waterleidingbuis beschadigd van de dienstwoningen naast de in aanbouw zijnde schutsluis, de zogeheten 'gemaal-huizen'. Bron: Peter van den Brandt. Toen in de namiddag herstelwerkzaamheden door medewerkers van N.V. Intercommunale Waterleiding plaatsvonden stak één van de arbeiders z'n schop in het gat om te kijken hoe diep het was en raakte hierbij waarschijnlijk de ontsteking. Om kwart over vier explodeerde de bom alsnog. Drie werknemers van het waterleidingbedrijf lieten het leven, de 31-jarige werkman Klaas Verhoeff (geb. 20 februari 1909), de 34-jarige werkman Geert Nieuwenhuis (geb. 26 juni 1906) en hun chef de 46-jarige hulpfitter Jacob Leijenaar (geb. 18 februari 1894). Daarnaast kwamen vijf omstanders om, de 34-jarige veldwachter Jacob Dirksen (geb. 19 december 1905), de hoofdopzichter van het waterschap 'De Zeven Grietenijen en Stad Sloten', opzichter van het waterschap 'de Lemstersluis' en tevens voorzitter van de Bond van Waterschapsambtenaren en hoofd van de Luchtbeschermingsdienst in Lemmer de 50-jarige Cornelis Bartholomeus Koole (geb. 17 februari 1890), de 36-jarige bakker Jan Rintje Koopmans (geb. 6 november 1903), de hoofdmachinist bij het in aanbouw zijnde gemaal de 39-jarige Michiel Westerveld (geb. 30 oktober 1900) en de 38-jarige betonwerker Tjasso Roossien (geb. 6 juni 1902), die pas sinds 18 juni 1940 bij de Dienst der Zuiderzeewerken werkzaam was als ijzervlechter bij de sluisput.

Twee dagen na het noodlottig ongeval verscheen in de Leeuwarder courant onder de kop "Bommen op Friesland. Waarschuwing voor het publiek" het volgende artikel: "Zaterdag middag zijn door een Engelsch vliegtuig boven Lemmer enkele bommen afgeworpen. Zij kwamen in het water terecht op één na, die aanvankelijk niet ontplofte en ook geen schade aanrichtte. Ondanks waarschuwingen van de politie en andere autoriteiten begaven zich vele personen naar de plek, waar de bom gevallen was met het droevig gevolg, dat niet minder dan acht slachtoffers vielen, toen het projectiel onverwachts tot ontploffing kwam. Deels werden zij slachtoffer van hun plicht, deels echter van een onvoorzichtigheid, waartegen niet genoeg gewaarschuwd kan worden. De namen der doodelijk getroffenen zijn: C.B. Koole, J. Dirksen, M. Westerveld, J. Koopmans, K. Verhoeff, G. Nieuwenhuis, J. Leyenaar en Tj. Roossien. Ook in de omgeving van Leeuwarden zijn Engelsche bommen gevallen, die helaas eveneens verscheidene slachtoffers eischten. Het publiek wordt er nogmaals met nadruk aan herinnerd, dat het levensgevaarlijk is, zich in de nabijheid van onontplofte en schijnbaar niet-ontplofte projectielen te begeven."

Op 30 juli werden J. Koopmans en K.W. Verhoeff op de begraafplaats in Lemmer begraven. Op 31 juli vonden op de begraafplaats in Lemmer de begrafenissen van G. Nieuwenhuis, Jac. Leijenaar, C.B. Koole en M. Westerveld plaats. Diezelfde dag werden J. Dirksen en T. Roossien ter aarde besteld, respectievelijk op het kerkhof in Harderwijk en de begraafplaats in Borger.

Eind juni 1949 werd in het gemaal bij Lemmer een bronzen gedenkplaat aangebracht ter herinnering aan twee medewerkers van de Dienst der Zuiderzeewerken die tijdens de Tweede Wereldoorlog om het leven zijn gekomen. De tekst op de plaquette luidde:

1940 - 1945
TER NAGEDACHTENIS
AAN HEN DIE VIELEN
J.H. CRETIER
M. WESTERVELD

In 2000 is deze plaquette op initiatief van de heer Jan de Vries (1927-2013), schoonzoon van één van de slachtoffers de heer Tjasso Roossien, vervangen door een nieuwe plaat waarop negen namen vermeld staan. De nieuwe herinneringsplaquette is op 27 juli 2000, onthuld door dijkgraaf Henk Tiesinga van Waterschap Zuiderzeeland en initiatiefnemer Jan de Vries. Op de dag van de onthulling werd herdacht dat het 60 jaar geleden was dat de 8 slachtoffers bij de bomexplosie bij het in aanbouw zijnde gemaal bij Lemmer omkwamen. De tekst op de gedenkplaat luidt:

1940 - 1945
TER NAGEDACHTENIS
AAN HEN DIE VIELEN

                     J. DIRKSEN          27 juli 1940
C.B. KOOLE
J.R. KOOPMANS
J. LEIJENAAR
G. NIEUWENHUIS
T. ROOSSIEN
K.W. VERHOEFF
M. WESTERVELD

                  J.H. CRETIER        3 mei 1945

Onder de acht namen van de slachtoffers van de bomexplosie staat de naam J.H. Cretier. Jan Hendrik (Henk) Cretier was op 14 juni 1896 geboren in Rossum en vertrok op 2 januari 1939 naar Urk waar hij in dienst trad bij de Dienst der Zuiderzeewerken. Hij werd één van de wakers (opzichters) van het werk Ramspol. Op zondag 1 oktober 1944 besloten de Duitsers een razzia in Putten te houden nadat in de nacht ervoor leden van het Puttens verzet een aanslag hadden gepleegd op een auto van de Duitse Wehrmacht waarbij een Duitse officier om het leven kwam. Jan Hendrik Cretier werd met 658 andere mannen opgepakt door de Duitsers. Cretier was op de verkeerde tijd op de verkeerde plek. Die dag werkte hij als timmerman in de buurt van Putten en gaf een verpleegster een lift op zijn fiets. Op 2 oktober werden de mannen afgevoerd naar 'Politisches Durgangslager Amersfoort' (Kamp Amersfoort). Vanuit Amersfoort werd Cretier op 11 oktober op transport gesteld naar het Noord-Duitse concentratiekamp Neuengamme waar hij op 14 oktober arriveerde. Lange tijd werd aangenomen dat Cretier aan boord van één van de drie Duitse schepen was die op 3 mei 1945, één dag voor de Duitse capitulatie, door Britse bommenwerpers in de Lübecker Bocht tot zinken werden gebracht. In 2009 kreeg de familie bericht van de Stichting Oktober 44 dat Jan Hendrik Cretier al op 25 december 1944 om 7.50 uur was overleden. Hij zou met een ziekentransport van Neugamme naar Bergen-Belsen zijn overgebracht waar hij op 48-jarige leeftijd overleed. In maart 2010 heeft de familie ter herinnering aan Jan Hendrik Cretier een gedenksteentje in Bergen-Belsen geplaatst met onder andere de tekst "Niet meer hier toch aanwezig". Bron: Tussen de Voorn en Loevestein, nr. 36. 2009. Met dank aan de Historische Kring Bommelerwaard voor het toezenden van de publicatie. 

Aan de buitengevel van het gemaal hangt sinds 2011 een gedicht van waterdichter Niels Blomberg. Met het gedicht verwijst Blomberg naar de bomexplosie die op 27 juli 1940 plaatsvond.

Persoonlijke verhalen over de bomexplosie vindt u op spanvis en hier

Laatste Update dinsdag, 15 oktober 2019