Doorkijkpaneel Pionierswerk

Doorkijkpaneel Pionierswerk
Doorkijkpaneel Pionierswerk Doorkijkpaneel Pionierswerk Doorkijkpaneel Pionierswerk

Plaats: Bant

Locatie: Wellerzandweg

Maker: Buro Kloeg

materiaal: cortenstaal en glas

Jaar: 2022


Beschrijving:

In maart 2022, 80 jaar nadat de polder droogviel, werden door de gemeente Noordoostpolder 8 zogenaamde doorkijkpanelen geplaatst die voorbijgangers een kijkje in de geschiedenis geven. Een doorkijkpaneel kan je omschrijven als een frame waarin een transparante glasplaat zit. Op het glas wordt met een tekening een object of activiteit gevisualiseerd wat niet meer zichtbaar is in het landschap. Door de visualisatie wordt de bijzondere ontstaansgeschiedenis en het unieke verhaal van Noordoostpolder weer zichtbaar. Door het juiste perspectief van de tekening en de juiste positionering van het 2,25 m hoge cortenstalen frame worden die verhalen als het ware geprojecteerd in het huidige landschap. Ter herinnering aan de ontginning van de Noordoostpolder werd aan de Wellerzandweg een doorkijkpaneel geplaatst met daarop het verhaal van het pionierswerk. Zo wordt dat deel van de historie van de polder opnieuw tot leven gewekt.

Op 9 september 1942 viel de Noordoostpolder na zo'n anderhalf jaar malen officieel droog, 48.000 ha braakliggende grond moest ontgonnen worden, wat wil zeggen dat er eerst maatregelen genomen moesten worden om de grond geschikt te maken voor landbouwgrond. In de Wieringermeer was gebleken dat de ontzilting van de bodem kon worden bevorderd door een snelle afvoer van overtollig water via een uitgebreid stelsel van greppels, sloten en kanalen. De ontginning van de Noordoostpolder was de taak van de Directie Wieringermeer. Voor de ontginning werkte De Directie samen met twee cultuurtechnische ondernemingen, de Nederlandse Heidemij en de N.V. Grondmij, zij leverde technisch personeel, opzichters en uitvoerders. Door de oorlogsomstandigheden was er te weinig brandstof voor trekkers en daarom moest het grondwerk met de hand gedaan worden. Hiervoor haalde de Directie Wieringermeer vanuit alle delen van Nederland duizenden arbeiders naar de polder. Tijdens voorlichtingsavonden kregen de arbeiders te horen dat de kans op een eigen bedrijf groot was als zij zich in zouden zetten in de Noordoostpolder. Bovendien hoefde een arbeider die een werkvergunning ofwel een 'Ausweis' voor de Noordoostpolder had in de Tweede Wereldoorlog niet voor dwangarbeid naar Duitsland. 

Vanuit de werkkampen, waarin zij gehuisvest waren, gingen de mannen elke dag het onmetelijke landschap in om sloten en greppels te graven. Zes dagen in de week werkten zij 9 uur per dag in weer en wind op de open vlaktes. Behalve op zaterdag dan werd er 5 uur gewerkt. Onder moeilijke omstandigheden groeven de polderwerkers met de schop kavelsloten en greppels in de zware polderklei, zeer zwaar werk. Om de landbouwkavels van 800 x 300 m groot te ontwateren, werden dwars op de kavelsloten greppels gegraven. De greppels hadden steeds dezelfde afmeting, 90 cm diep, van boven 1,15 m breed en 30 cm op de bodem. De greppels waren 300 m lang en werden met 12 m tussenruimte aangelegd. De mannen werden per meter betaald en verdienden zo'n ƒ 0,60 per uur. De arbeiders konden aanspraak maken op 7 verloven per jaar met een vergoeding wegens loonderving van ƒ 5,- per keer en een kerstvergoeding van ƒ 15,-. Deze vergoedingen werden verhoogd met reiskosten. Bron: Veerkracht en Volharding. 

Bioloog Ingvar Kristensen, die in 1941-1942 de natuurontwikkeling in de nieuwe polder bestudeerde, schreef in zijn dagboek het volgende over de werklui: "De 'man aan de schop' had een hard bestaan. Zij waren het werk niet gewend, maar werden door de arbeidsbeurs gestuurd of gingen om niet naar Duitsland gestuurd te hoeven. Greppels graven is het zwaarste werk dat denkbaar is. En als men de greppels achter je weer dicht ziet stuiven, is het zeker geen inspirerend werk. De werklui werden naar prestatie betaald en omdat de handen van velen niet naar graafwerk stonden, werd een weekloon van 20 gulden soms niet bereikt." Bron: Omroep Flevoland.

Doorkijkpaneel 'PIONIERSWERK' vertelt het verhaal van de ontginning. Wie door het paneel kijkt ziet een aantal polderwerkers die met de schop een greppel in de polder aan het graven zijn. De ploegbaas groef niet mee, maar hield toezicht. Met zijn handen in de zakken staat hij te kijken hoe de anderen het zware werk doen. Dit paneel is één van de acht panelen rondom Emmeloord.

De andere doorkijkpanelen dragen de namen:

  1. 'SLUITGAT'; is te vinden op de Westermeerdijk bij het Sluitgatmonument.
  2. 'ROTTERDAMSE HOEK'; staat bij de voormalige lichtopstand op de Westermeerdijk bij de Rotterdamse Hoek.
  3. 'SCHEEPSWRAK'; is aan de Schoterweg bij Monument Queen Anne geplaatst.
  4. 'KUINDERBURCHT'; is te vinden op De Heuvel in het Kuinderbos.
  5. 'OUD KRAGGENBURG'; staat langs het fietspad tussen de Kadoelerweg en de Zwartemeerweg.
  6. 'BIETENBRUG'; is geplaatst bij de kiepsteiger op de loswal Ramspol.
  7. 'VLIEGTUIGWRAK'; vindt u aan het Dinah Mightpad nabij de Vliegtuigweg.

De hele Noordoostpolder ligt onder NAP, het ijkpunt dat ongeveer overeenkomt met het gemiddelde zeeniveau. Op de linker staander van alle doorkijkpanelen kunt u aflezen hoever het paneel zich aan de grond onder NAP bevindt. Op de plek van doorkijkpaneel 'Pionierswerk' ligt de voormalige zeebodem  2,25 m onder NAP. De doorkijkpanelen zijn 2,25 m hoog, wat betekent dat voordat de dijken rondom de Noordoostpolder gesloten werden het water op deze plek precies tot de bovenkant van het doorkijkpaneel kwam.