Scheepsfragment ZM8

Scheepsfragment ZM8

Plaats: Zeewolde

Locatie: Schollevaarweg-Roerdomp, kavel ZM8

Maker:

materiaal: eikenhout

Jaar: 17e eeuw


Beschrijving:

In 1977 werden op twee verschillende plekken, die 25 km uit elkaar lagen, scheepsresten gevonden die naar later bleken van hetzelfde schip afkomstig waren. Het betrof een bewapende tjalk, die zeer waarschijnlijk in augustus van het Rampjaar 1672 is vergaan. In 1672 brak de Derde Engels oorlog uit. De Republiek der Verenigde Nederlanden werd van vier kanten aangevallen: op zee door Engeland, uit het zuiden door de Fransen en uit het oosten door de bisdommen Münster en Keulen. Bij Muiden en de Hollandse Waterlinie konden de Franse troepen worden tegengehouden. De Keulse en Münsterse troepen onderleiding van bisschop Bernhard von Galen waren in de zomer van 1672 doorgedrongen tot de oevers van de Zuiderzee. Om een aanval op Amsterdam voor te zijn, werden platbodemschepen, waaronder tjalkachtigen, uitgerust met licht geschut. Ze werden 'uytleggers' (uitleggers) genoemd. 

In het najaar van 1977 is op kavel OK45 aan de Rendierweg bij Dronten door het toenmalig Centrum voor Scheepsarcheologie een scheepswrak opgegraven. Tijdens de opgraving werden drie ijzeren kannonnen aangetroffen, twee in het schip en één ernaast. De kanonnen en andere wapens, waaronder een serie zwaarden, musketten en een dubbele kanonskogel, wezen erop dat het schip een smalschip was dat als 'uitlegger' onderdeel uitmaakte van een eskader. In het wrak zijn verschillende zwart geblakerde objecten aangetroffen. Het scheepje heeft in brand gestaan, met als gevolg een ontploffing waardoor het in tweeën is gesplitst. Het achterschip dreef vele kilometers af. Verspreid in het schip zijn meer dan 70 munten gevonden, waaronder een koperen duit van stad Utrecht met het jaartal 1670. Bron: Opgravingsdocumentatie scheepswrak OK45;  linkedin Wouter Waldus; Omroep Flevoland: wrak OK45 verging na verwoestende brand.

Tijdens drainagewerkzaamheden op kavel ZM8 in Zuidelijk Flevoland stuitte men in 1977 op een scheepswrak. Datzelfde jaar werd een verkennend onderzoek uitgevoerd. In 1982 werd het scheepswrak herverkend. In de opgravingsdocumentatie staat: "Het betreft een scheepsfragment van een voor- of achterschip. Een deel van het vlak met enkele liggers, een deel van de scheepshuid met kromhouten en oplangers met wegering. Het vlak is 1,5 m bij 2 m. De huid is 1,5 bij 1,5 m groot. Tijdens de herverkenning is het fragment vrijgegraven, schoongemaakt en gefotografeerd. Na de documentatie zijn de stukken gedemonteerd en uit de grond gehaald. Opvallend is dat elke huidgang van het fragment in het midden is voorzien van een versieringsgroef. De spijkers die in het schip zijn gebruikt, hebben een opvallende massieve kleine kop. Deze bijzondere details zijn ook aangetroffen bij het schip dat op kavel K45 is opgegraven". De constructie vertoonde dusdanig veel overeenkomsten dat mag worden aangenomen dat het om het achterschip gaat, dat bij het wrak van de tjalk op kavel OK45 ontbrak.

Op de website van MaSS leest u meer over de OK45 en de ZM8