Klokkenstoel

Klokkenstoel

Plaats: Luttelgeest

Locatie: Blankenhammerweg

Maker: werkgroep dorpsbewoners

materiaal: hout, pannen en brons

Jaar: 1956 / 2023


Beschrijving:

Eind 2023 is op de algemene begraafplaats aan de Blankenhammerweg een klokkenstoel gebouwd waarin de klok van de voormalige St. Jozefkerk op 2 december 2023 geplaatst is. De Rooms-katholieke St. Jozefkerk is in 2014 gesloten. Op 23 november werd de laatste dienst gehouden. Vanaf de sluiting vroeg men zich in het dorp af wat er met de luidklok zou gaan gebeuren? Toen kwam het idee naar boven om de klok uit 1956 te plaatsen in een vrijstaande klokkenstoel. In april 2021 is een werkgroep gevormd om het project 'Van kerktoren naar klokkenstoel' tot uitvoering te brengen. Het streven van de uit 7 personen bestaande werkgroep is om de kennis uit het dorp bij de bouw van de klokkenstoel te gebruiken en op die manier de betrokkenheid van de bewoners te vergroten. De werkgroep heeft literatuur aangeschaft en zich laten voorlichten door Jan Kuipers uit Steenwijk, de luidklokkenexpert van de regio. De St. Jozefkerk werd in 2022 verkocht aan projectontwikkelaar Mateboer. De nieuwe eigenaar schonk de luidklok mits deze voor het dorp behouden blijft.

In juli 2023 werd de bronzen klok op ruim 20 m hoogte uit het mechanisme ontmanteld en naar een nieuw tijdelijk onderkomen gebracht. Nadat de gemeente Noordoostpolder een bouwvergunning verleend had voor de bouw van een klokkenstoel op de begraafplaats van Luttelgeest, kon aan het eind van de zomer van 2023 gestart worden met de grondwerkzaamheden en de realisatie van de stoel. In afwijking van het dorpsplan uit de jaren vijftig waarin de begraafplaats in de zuidoosthoek van het dorp gepland was, ligt de begraafplaats buiten het dorp. Het dorpsplan van Luttelgeest, dat aanvankelijk gemaakt was door de Amsterdamse architecten de Rijk en de Vries, werd verder ontwikkeld door stedebouwkundige Theo Verlaan van de Directie Wieringermeer. Hij bedacht aan de noordkant van het dorp een stuk bos waarin hij de begraafplaats tekende. 

De klokkenstoel heeft een flauw hellend met pannen gedekt zadeldak. De dakhelling is 22º en de nokhoogte is 5,70 m. Om de grote kracht tijdens het luiden te beperken is de klok aan een krukas opgehangen, een luidas in de vorm van een omgekeerde letter U, die met behulp van het klokkenwiel in beweging wordt gebracht. Aan de krukas hangt de klok hoger ten opzichte van het draaipunt waardoor deze tijdens het luiden een minder grote zwaaibeweging maakt, wat meer weg heeft van kantelen dan van heen en weer zwaaien. Bij luiden aan een krukas komt de klepel in de klok nauwelijks in beweging, de klok slaat de klepel aan. De luidklok heeft een kroon, een openstructuur met vier kroonarmen, waarmee de klok aan de luidas is opgehangen. 

Op de klok staat de volgende tekst: 

"ST. JOZEF KLOK"
A.D. 1956
PETIT ET FRITSEN ME FUDERUNT.

De klok zal luiden tijdens een herdenking of uitvaart. 

De klokkenstoel wordt op 26 april 2024 officieel in gebruik genomen. Fonds Leefbaar Platteland van provincie Flevoland verstrekte voor de bouw van de klokkenstoel een subsidie van ruim € 28.000,-. De andere helft van het benodigde projectbedrag is opgehaald met sponsoring en bijdragen van onder andere ondernemersvereniging Luttelgeest, gemeente Noordoostpolder, Stichting Beheer Voormalig Bezit Kruisvereniging Noordoostpolder (SBBK) en de Emmaüsparochie.

Klokkengieter

In 1660 begon Nicolas Jullien, telg uit een oud klokkengietersgeslacht, een gieterij in het Franse Lotharingen. Zijn voorouders waren rondtrekkende ambachtslieden die aan de voet van een kerktoren grote ovens bouwden. Daarin smolten ze koper en tin dat ingezameld was onder boeren en burgers om er de klok van te gieten. Rond 1690 kwam Nicolas met zijn kinderen, waaronder zijn zoon Alexius (1662-1734) en dochter Maria naar Nederland en vestigde zich in Weert. Nadat de kinderen van Maria, die met de chirurgijn Jean Petit († 1695) gehuwd was, met de dood van hun moeder in 1703 wees waren geworden, haalde Nicolas hen naar Weert. Daar leerden zij het vak bij hun oom Alexius Julien. Van de kinderen Petit vestigden Jean Petit (1692-1768) zich omstreeks 1720 in Helmond en zijn broer Joseph (1695-1745) in Someren. Josephs zoon Alexius verhuisde in 1787 samen met zijn zonen Henricus, Everardus en Alexius jr. naar Aarle-Rixtel, een uiterst geschikte plek vanwege de leemputten als vaste leverancier voor klei om klokmallen te maken. Dochter Aldegonda huwde met Izaac Fritsen. Toen Henricus als de laatste Petit in 1815 met klokkengieten ophield, werd de gieterij voortgezet door Henricus Fritsen, de zoon van Aldegonda Petit en Izaac Fritsen. Sindsdien heet de klokkengieterij Petit & Fritsen.

Sinds 1907 is de klokkengieterij gevestigd in het monumentale pand aan de Klokkengietersstraat 1 in Aarle-Rixtel. In de Tweede Wereldoorlog werden door de Duitsers duizenden kerkklokken gevorderd en vanwege het gebrek aan grondstoffen voor de wapenindustrie omgesmolten. Na de oorlog leidde dit tot een opleving in de klokkenproductie en groeide Petit & Fritsen tot een bedrijf met 80 medewerkers. Daarna richtte de kokkengieterij zich op export naar Noord- en Zuid-Amerika en Azië. De klok van de Dodenherdenking op de Waalsdorpervlakte is in Nederland de bekendste 'Petit & Fritsen'. 

Het 354 jaar oude familiebedrijf werd op 1 mei 2014 overgenomen door de Koninklijke Eijsbouts omdat de laatste directeur, Frank Fritsen, geen opvolger kon vinden om het bedrijf voort te zetten. Op 11 april goot Fritsen zijn laatste klok. De naam Petit & Fritsen blijft na de fusie bestaan maar de klokken worden voortaan in Asten gegoten. Petit & Fritsen maakten luidklokken, beiaarden, automatische klokkenspelen, torenuurwerken en figuuromlopen. Met de overname door Eijsbouts kwam een eind aan het gebruik van de laatste houtsmeltoven, voor klokken zwaarder dan 2.500 kg.

Bron: Koninklijke Klokkengieterij Petit & Fritsen en klokkenluiders.nl