Muze

Muze
Muze Muze Muze Muze Muze Muze Muze Muze

Plaats: Nagele

Locatie: Ring 23

Kunstenaar: Cor Sonke

Materiaal: glasvezeldoek, hout, stenen, ijzer

Jaar: 2006

Beschrijving:

In 1998 heeft Museum Nagele zijn intrek genomen in de voormalige R.K. St. Isidoruskerk. Sinds 2006 heeft het museum een beschermgodin in de vorm van het kunstwerk 'Muze' dat gemaakt is door de beeldend kunstenaar en grafisch vormgever Cor Sonke uit Buinerveen. In de kunst van Sonke staat vorm centraal. De kunstenaar maakt het liefst van "oude rotzooi" nieuwe objecten. Zo ook bij het kunstwerk 'Muze'. Op een constructie van twee oude treinbielzen met bovenop een dwarsbalk staat een borstbeeld van een vrouw, de muze. Het borstbeeld is gemaakt van glasvezeldoek, een weefsel van glasdraden. Door het model te lamineren met verschillende lagen glasvezel met kunsthars is een ontzettend sterk en duurzaam beeld onstaan. De recht opstaande bielzen zijn met betonijzer verbonden. Aan het betonijzer hangen stenen en verroestte ijzeren voorwerpen. Omdat de muze op een hoog voetstuk staat kijken we er van onder tegen aan. Hierdoor wordt de muze letterlijk en figuurlijk boven de beschouwer verheven.

Een muze is een beschermgodin van de kunst en de wetenschap. Daarnaast wordt het begrip ook in de betekenis als inspiratiebron voor de kunstenaar gebruikt. Via het 13e eeuwse Franse woord muse is het begrip in de tweede betekenis in onze taal terecht gekomen vanuit het Latijnse Mūsa, dat weer ontleend was aan het Griekse Moũsa, dat zanggodin, godin van kunst of wetenschap betekent. In de vroege mythologische verhalen waren de muzen met zijn drieën en werden zij veelal voorgesteld als een triade, een drie-eenheid. De namen van de drievoudige muzen waren Melete, Mneme en Aeode en zij representeerden meditatie, herinnering en het lied. De moeder van de muzen was Mnemosyne. Volgens de legenden gaf zij dichters het vermogen om hun dichten te onthouden, vandaar haar naam 'geheugen'. Hun vader was de oppergod Zeus.

De negenvoudige muze kwam pas voor het eerst voor bij Hesiodes, een Griekse dichter die in het midden van de 8e eeuw v. Chr. leefde. Volgens hem kregen koningen en dichters hun uitzonderlijke spraakvermogen van Mnemosyne en hun speciale relatie met haar dochters, de muzen. De muzen waren voorstellingen van de godin als inspirerende kracht. Deze 'geestkracht' stond in de oudheid gelijk aan adem of lucht. Wat men nu onder 'geestelijke inspiratie' verstaat, werd toen beschouwd als letterlijk 'inademen'. Homerus, een Griekse dichter en zanger die leefde van ca. 800 v. Chr. tot ca. 750 v. Chr., riep slechts één muze aan, 'Musa' oftewel de denkende, de goddelijke geefster van alles wat een dichter moet kunnen en kennen. Het aanroepen van een muze of de muzen was bij antieke schrijvers standaard. In de Renaissance keerde deze gewoonte weer terug. Tegenwoordig is de muze vooral een vrouw die de scheppingsdrang van de kunstenaar aanwakkert. De muze geeft de kunstenaar, musicus, schrijver enz. de adem en de kracht om creatief bezig te zijn.

Hoewel de negen muzen doorgaans gezamenlijk en in koor optraden, is in de Romeinse tijd aan ieder van hen een eigen talent toegekend. Calliope is de muze van de filosofie en epische poëzie. Filosofen hoopten van haar de inspiratie te krijgen, die naar de juiste antwoorden op hun vraagstukken zouden leiden. Clio, de muze van de geschiedenis, schreef de namen en daden van grote helden in de wereld op, en bewaarde die. Polyhymnia, muze van de mime, werd aangeroepen voor hulp op het gebied van zelfexpressie. Euterpe is de muze van het fluitspel. Erato, muze van de lyrische poëzie, was bijzonder populair bij liefdesdichters. Zij hielp hen dan ook graag in hun zoektocht naar romantiek. Terpsichore is de muze van de dans en plezierdichten. Melpomene is de muze van het treurspel. Urania, de muze van de astronomie en astrologie, kan de toekomst lezen in de manier waarop de sterren zijn gegroepeerd. Thalia, de muze van het blijspel, wordt gezien als de leidster van de negen muzen.

Het kunstwerk 'Muze' staat voor Museum Nagele. Het woord museum, dat herinnert aan de muzen, is ontleend aan het Latijnse Mūsēum, dat weer overgenomen is van het Griekse Mouseīon. Bij de Grieken betekende dit woord 'plaats waar de muzen vereerd worden', 'verblijfplaats van de muzen'. Een museum was oorspronkelijk een heiligdom, aan de muzen gewijd. Vanaf de 4e eeuw v. Chr. kreeg het woord ook de betekenis van 'een inrichting voor kunst en wetenschap, die onder bescherming staat van de muzen'. In de Renaissance ontstond de vorm die we nu kennen, een gebouw met daarin verzamelingen schilderijen, beeldhouwwerken en andere kunstvoorwerpen. In de 19e eeuw werd het begrip museum ook uitgebreid tot verzamelingen van bijvoorbeeld natuurhistorische en technisch-historische voorwerpen.

Kunstenaar

Cor Sonke is in 1960 in Amsterdam geboren. Van 1975 tot begin jaren tachtig woonde Sonke in Emmeloord waarna hij naar Nagele verhuisde. Daar begon hij als beeldend kunstenaar nadat hij van 1985 tot 1991 aan de Hogeschool voor de kunsten Constantijn Huygens in Kampen studeerde. Begin 2000 vertrok hij naar Bruinerveen om daar in een groot atelier in een boerderij te kunnen werken. 

Sonke werkt aan verschillende projecten, in de vorm van land-art of tijdelijke object/installaties. Daarnaast tekent en schildert hij en maakt ruimtelijke objecten. De objecten maakt hij van materialen die hij in de loop der tijd verzameld heeft. Verweerd hout, roestig ijzer, stenen of ander gevonden materiaal zijn hierbij het uitgangspunt. Met deze vaak bijzondere vormen probeert hij zijn eigen intuïtieve werkelijkheid te verbeelden. Door te bouwen, toe te voegen en weg te halen ontstaan zijn objecten. Soms bewerkt hij de losse materialen, maar vaak laat hij ze zoals hij ze vindt en verandert ze dan alleen door ze ergens een onderdeel van te laten worden.

Langs het Ketelzwerfpad, nabij Ketelmeerweg 5 bij Nagele, ligt een Vikingschip (2007) dat gemaakt is door Cor Sonke en Willem Hoogeveen.

Laatste Update woensdag, 15 februari 2017