Hunebed

Hunebed
Hunebed Hunebed Hunebed Hunebed Hunebed

Plaats: Nagele

Locatie: Centrale groene ruimte

Kunstenaar: M. Groen

Materiaal: natuursteen / baksteen

Jaar: 1976

Beschrijving:

Zo’n 180.000 tot 130.000 jaar geleden was “Flevoland” bedekt door een dikke laag ijs dat afkomstig was van Scandinavische gletsjers. Het ijs voerde een dikke laag van leem en grote megalieten, hele grote stenen, met zich mee. Met een tempo van 30 tot 100 meter per jaar hebben deze stenen een afstand van zo’n 1200 kilometer afgelegd voordat de ijsmassa hier tot rust kwam. Toen het landijs smolt bleven deze keien op de Nederlandse bodem achter. Daar hebben ze duizenden jaren onder water gelegen. Tijdens de drooglegging van de Noordoostpolder kwamen de zwerfkeien letterlijk weer boven water.

In het najaar van 1965 gingen er in Nagele stemmen op dat men, net als elders in de polder, eigenlijk ook een monument moest hebben. Diverse suggesties kwamen naar voren zoals een klokkenstoel, een uurwerk en stenen met een waterpatij. Uiteindelijk koos Nagele voor een hunebed, omdat op die manier een relatie tussen de oude en recente geschiedenis gelegd kon worden. Een hunebed is een gemeenschappelijk graf uit de jongste IJstijd, zo'n 5000 jaar geleden en bestaat uit rechthoekige grafkamers van grote rechtopstaande zwerfkeien afgedekt met dekstenen, met daaromheen kransstenen. In Nederland zijn 54 restanten van hunebedden gevonden, waarvan 52 in Drenthe. Elders in Europa zijn deze prehistorische grafmonumenten ook gevonden en worden dolmen genoemd. Het woord dolmen is Bretoens en betekent stenen tafel.

Het A.D. van Eckfonds nam contact op met beeldhouwer Cornelius Rogge (1932) en hij ontwierp voor Nagele een hunebedmonument op palen. Rogge maakte een serie voorstellen om het dorp te voorzien van een tot in de oudste historie teruggrijpend zwerfkeienmonument, waarin gespeeld zou worden met de zwaartekracht. Rogges ontwerpen, die in 1983 te zien waren op de tentoonstelling 'Van kei tot kunst' in het Drents Museum in Assen, kwamen niet tot uitvoering. Volgens een bericht in de regionale pers was gebleken dat het in Nederland niet gemakkelijk was om aan grote stenen te komen en dat deze uit Denemarken moesten komen. Op het artikel kwamen vele reacties: bij de haven van Lemmer lagen grote aantallen flinke stenen, op de loswal bij Espel idem dito, ook uit het Drentse Ruinen werden stenen aangeboden en boeren uit de polder brachten spontaan stenen naar Nagele. Toen de stenen er waren bleek de uitvoering van het kunstwerk te kostbaar voor het dorp.

Nagele borduurde voort op het idee. Een tijdelijk in Nagele woonachtige ingenieur ontwierp een goedkopere constructie en de plaatselijke smid vervaardigde de stalen palen die de steenklompen van een 'zwevend hunebed' ging dragen. Na enige tijd echter ging het geheel al gevaarlijk doorbuigen, één der armen brak af en een kei stortte ter aarde. Vervolgens kwam de heer M. Groen van Publieke Werken uit Emmeloord en bestuurslid van het A.D. van Eckfonds met enkele ideeën en ontwierp 'Hunebed', een letterlijke uitbeelding van het woord dolmen. Met de zwerfstenen uit de ijstijd is een krans van stenen gemaakt. In het midden staat, op vier gemetselde muren, een achthoekige betonnen tafel met een doorsnede van 6 meter, waarop een aantal grote zwerfkeien liggen. Tijdens het 20-jarig bestaan van Nagele onthulde mevrouw A. van de Zwaad-Pilat, bestuurslid van het A.D. van Eckfonds, op 28 augustus 1976 de eigentijdse versie van een hunebed.

In 2003 vierde museum Nagele zijn vijfjarig bestaan. Ter gelegenheid van dit feit werd van 18 mei t/m 15 oktober de openluchttentoonstelling 'Tijd en transformatie', in en om het dorp gehouden. De opdracht aan de kunstenaars was om in Nagele rond te kijken en vervolgens te reageren op het polderlandschap met zijn uitgestrekte aardappel- en tarwevelden en de architectuur van het dorp. Kees Bierman was één van de acht kunstenaars die aan de tentoonstelling meewerkte. Het 'Hunebed' riep bij de kunstenaar zoveel vragen op dat hij hier direct 'zijn' plek van wilde maken. Hij transformeerde 'Hunebed' tot het kunstwerk 'Tumulus'.

Een Tumulus is een aarden heuvel, die over een dolmen (hunnebed) werd opgeworpen en zo een grafheuvel met verborgen kamers vormde. Kees Bierman had 'Hunebed' rondom ingepakt in een met gras begroeid betonijzeren frame en de stenen tafel bedolven onder een dikke laag aarde. Tijdens de transformatie bevonden de stenen die bovenop de tafel liggen, zich op het topje van de heuvel. Bron: Catalogus project 'Tijd en transformatie'. Met dank aan mevrouw Zelhorst van museum Nagele voor het toezenden van informatie.

Kunstenaar

Cornelis (Kees) Bierman is in 1936 in Alkmaar geboren. Als kunstenaar heeft hij geen specifieke opleiding genoten, hij is autodidact. 

Bierman is gefascineerd door de werking van de tijd, door groeiende natuur en door het onophoudelijke streven van de mens die groei in te dammen en in banen te leiden. Zijn werk lijkt vaak op te gaan in de omringende natuur, maar tegelijkertijd direct herkenbaar als mensenwerk, een ingreep in de natuurlijke omgeving. Aarde vormt een essentieel materiaal waarmee Bierman zijn installaties opbouwt. Aarde in de vorm van vette klei, van graszoden of gewoon zand, het bepaalt altijd de verschijningsvorm van de op bouwwerken lijkende sculptuur. De uiteindelijke vorm hoeft niet voorspelbaar te zijn, maar moet ook niet kunstmatig ogen. Er mogen best vragen ontstaan, zonder dat er een passend antwoord voorhanden is. Op die wijze wordt de conditionering doorbroken waaraan het kijken naar kunst onderhevig is.

Laatste Update woensdag, 14 juni 2017