Weeghuisje met weegbrug

Weeghuisje met weegbrug
Weeghuisje met weegbrug Weeghuisje met weegbrug

Plaats: Kraggenburg

Locatie: Leemkade 2

Maker:

materiaal: baksteen

Jaar: 1948


Beschrijving:

De Noordoostpolder was primair ontworpen en ingericht als landbouwgebied. Elk dorp in de polder kan gezien worden als centrum van het omliggende agrarische land. Destijds ging men ervan uit dat de landbouwproducten per schip van de akkers afgevoerd zouden worden. De vaarten dienden zowel voor scheepvaart als afwatering. Daarom beschikte de dorpen over een loswal aan de vaart. In de dorpen Kraggenburg, Ens, Espel, Rutten en Nagele liet de Friesch-Groningsche Coöperatieve Beetwortelsuikerfabriek nabij de loswallen weegbruggen bouwen om tijdens de bietencampagne de lading suikerbiet van de leden te wegen voordat deze naar de loswal werd gereden. Deze loswallen worden al lang niet meer gebruikt omdat eind jaren 60 van de 20e eeuw, door toenemende mechanisering en schaalvergroting in de akkerbouw, het transport over de weg snel toenam.

Een weegbrug is een inrichting waarmee het gewicht van de lading van voertuigen bepaald kan worden. Een weegbrug bestaat uit een in de weg verzonken weegdek boven een put waarin zich het weegmechanisme bevindt en een klein gebouwtje waar de weegmeester het meetintstrumentarium bediende. Tot begin jaren zeventig van de twintigste eeuw brachten boeren hun suikerbieten met trekkers en vierwielige landbouwwagens naar de loswal. De beladen wagen werd op het weegdek gezet en in het huisje werd door de weegmeester het mechanischme ingesteld, het gewicht afgelezen en het weegbriefje uitgeschreven. De wagens werden twee maal gewogen. Eerst met bieten. Vervolgens werden monsters van elke wagen gehaald om het suiker-en tarragehalte, het slib dat bestaat uit aarde die van de bieten wordt afgespoeld, te bepalen. Daarna werden de bieten op de loswal in het schip gestort dat ze naar de suikerfabriek vervoerde. De bieten konden op twee manieren in de schepen gestort worden. Een veel voorkomende manier was dat het bietennet, dat onder de bieten op de wagen lag, door een kraan met een evenaar werd opgepakt. Als de kraan boven het ruim was werden twee hoeken van het net losgetrokken en vielen de bieten in het ruim. Op de andere manier werden de bieten via een kiepsteiger rechtstreeks in het ruim gestort. Na aflevering van de vracht werd de lege wagen nogmaals gewogen. Het verschil tussen beladen (bruto gewicht) en onbeladen (tarra gewicht) is het gewicht van de lading oftewel het netto gewicht. Op een weegbriefje werd het bruto-, tarra en netto gewicht en soort van gewogen goederen vermeld. Aan de hand van de weegbriefjes kregen de boeren hun producten uitbetaald.

Het eenlaagse bakstenen weeghuisje in Kraggenburg is in 1948 opgetrokken op een L-vormig grondplan onder een lessenaarsdak met houten overstek. Aan de deurzijde zit een schuifraam waardoor de weegmeester en de aanbieder van de vracht formulieren konden uitwisselen. In de jaren zestig van de twintigste eeuw is het gebouwtje, in dezelfde stijl, uitgebreid met een toilet. De oorspronkelijke brug kon 30 ton (30.000 kg) wegen, maar moest vanwege de toenemende zwaarte van vrachten en strengere veiligheidseisen regelmatig vernieuwd worden. In 1982 werd de brug geschikt gemaakt voor 60 ton gewicht (60.000 kg). De weegbrug bestaat tegenwoordig uit een betonnen plaat, eerder hebben er houten balken gelegen.

Nog dagelijks worden vrachtwagens gewogen door Jan Kaak en zijn vrouw, die de weegbrug in 1967 overgenomen hebben van de Coöperatie. In wezen is de weegbrug een monument. De Rijksdienst voor het Cultureelerfgoed wilde de brug wel overnemen, maar dat wilde Kaak niet. De weegbrug valt onder de categorie industrieel erfgoed.

Bekijk hier een reportage over de weegbrug. Klik hier om de film 'Bietencampagne jaren 60 in de Noordoostpolder' te bekijken. 

Laatste Update maandag, 28 augustus 2017