Poldertoren

Poldertoren
Poldertoren Poldertoren Poldertoren Poldertoren Poldertoren Poldertoren Poldertoren Poldertoren

Plaats: Emmeloord

Locatie: Deel 25

Maker: H. van Gent / J.H.W.C. Pot

materiaal: beton / baksteen

Jaar: 1957 - 1959


Beschrijving:

Midden op De Deel staat de Poldertoren, het denkbeeldige middelpunt van de Noordoostpolder. De plaats is zo gekozen dat de toren vanaf alle wegen naar Emmeloord direct in het oog springt.

In de jaren dertig van de twintigste eeuw, nog voor de Noordoostpolder drooggevallen was, werd besloten dat op het centrale plein van Emmeloord een hoge toren zou komen te staan. Het mocht geen kerktoren zijn omdat geen van de kerken mocht domineren over de andere. Een monument, een centraal herkenningspunt, in het vlakke polderland moest het worden en een symbool van eenheid van de polder. Voor de watervoorziening van de polder was een watertoren nodig. Zo ontstond het idee om de watertoren ‘aan te kleden’ tot poldertoren. In december 1950 schreef de Waterleidingmaatschappij ‘Overijssel’ een openbare prijsvraag uit. De opdracht was een watertoren te ontwerpen met een carillon en een uitkijkplatform. Van de 170 inzendingen werden er drie bekroond. Uiteindelijk werd het ontwerp ‘Motto Utillis’ (Latijn voor nuttig) van de Amsterdamse  architect H. van Gent aangewezen om verder uitgewerkt te worden. Hierbij kreeg hij steun van architect J.W.H.C. (Joop) Pot (1909-1972) bij wie hij op het architectenbureau werkte.

Op 14 mei 1957 opende  Waterleidingmaatschappij  ‘Overijssel’ de aanbesteding. De bouw startte op 12 juni 1957. Na iets meer dan twee jaar kon de Poldertoren op 20 juni 1959 officieel in gebruik genomen worden door President - commisaris J. Haverkamp. Hij ontving de sleutel van de Poldertoren uit handen van "Bouwmeester" A.D. van Eck. Na het openen van de toren stelde de heer Haverkamp de pompen inwerking.

De architectuur van de Poldertoren is kenmerkend voor de Delftse School, net zoals bij de omliggende bebouwing. De toren is opgetrokken uit geelgrijze baksteen rond een betonconstructie. De toren had oorspronkelijk zes verdiepingen. Op de 3e t/m de 5e verdieping bevonden zich drie waterreservoirs. In de voet van de toren was eveneens een waterreservoir. De zesde verdieping wordt gevormd door het uitkijkplatform in een opengewerkte lantaarn. De toren is voorzien van een met koperen platen bekleed piramidedak dat rust op een houtendakconstructie. De Poldertoren is 65,30 m hoog en daarmee de hoogste watertoren van Nederland. De toren staat op een achthoekig gronplan met een doorsnede van 14,00 m en wordt naar boven toe 0,60 m smaller. De toren heeft een trap met 243 treden, een lift voert van de begane grond naar het uitzichtplatform dat op 43,40 m hoogte ligt en een doorsnede heeft van 13,40 m. De Poldertoren wordt bekroond met een 5 meter hoge vergulde windwijzer.

In de lantaarn hangt het grootste klokkenspel van Nederland. A.D. van Eck, hoofd van de bouwkundige afdeling van de toenmalige Directie Wieringermeer, heeft zich sterk gemaakt voor de totstandkoming van het carillon. Een actie onder de bevolking leverde 48 klokken op. De klokken zijn in de jaren 1958/59 door klokkengieterij Eijsbouts in het Brabantse Asten gegoten. Eén klok werd vernoemd naar ir. Cornelis Lely, de geestelijk vader van het Zuiderzeeproject. De inscriptie op de klok luidt: Fait ce que dois, advienne que pourra (doe wat moet, wat er ook gebeure moge). De klok met de inscriptie Facta non verba (Geen woorden, maar daden) is vernoemd naar de heer A.D. van Eck. De namen van 11 klokken verwijzen naar Emmeloord en de omringende dorpen, die elk een grote klok schonken. De grootste klok, de Juliana Regina weegt 2382 kg en doet tevens dienst als luidklok. Op 20 juli 1959 werd het carillon officieel overgedragen aan de toenmalig minister van Verkeer en Waterstaat, drs. H.A. Korthals. Het Openbaar Lichaam De Noordoostelijke Polder (voorloper van de gemeente Noordoostpolder) heeft het uurwerk beschikbaar gesteld. Het uurwerk is verbonden met de wereldatoomklok in Zürich.

Na 1970 werden watertorens minder belangrijk, omdat vanaf die tijd elektrische pompen gingen zorgen voor de druk op het waterleidingnet. De Poldertoren doet geen dienst meer als watertoren. De gemeente Noordoostpolder heeft de toren in 2005 overgenomen van waterleidingbedrijf Vitens. In 2008 – 2009 is de Poldertoren opgeknapt en herontwikkeld tot cultureel- en toeristisch recreatief informatie- en bezoekerscentrum. Op 20 juni 2009, exact 50 jaar na de officiele opening van de watertoren in 1959, was de feestelijke opening. In 2013 vertrokken alle huurders uit de Poldertoren, die sindsdien leeg staat.

Op 18 maart 2013 kondigde Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Jet Bussemaker de nominatie aan voor nieuwe rijksmonumenten. De Poldertoren is één van de 89 bouwwerken uit de wederopbouwperiode die geselecteerd zijn om rijksmonument te worden. Op 13 oktober 2014 maakte de minister bekend dat de Poldertoren door het Rijk is aangewezen als Rijksmonument. De voormalige watertoren is daarmee door zijn cultuurhistorische waarde en schoonheid van nationaal belang geworden. Rijksmonumenten vallen onder de Monumentenwet, wat inhoud dat het gebouw niet gesloopt, verstoord, verplaatst of gewijzigd mag worden zonder dat de overheid daar een vergunning voor heeft verleend.

Bron: 'Torens. Hoogtepunten in de Lage landen' en cultureelerfgoed.nl

Laatste Update zondag, 19 februari 2017